Deel 11: En ze leefden nog lang en gelukkig

Liefde is mooi. En dat moet je vieren. Dat moeten mijn lieve vriendin XX en haar man XY ook gedacht hebben. Om er zeker van te zijn dat ze dit niet met zijn twee hoefden te doen kreeg men bijna een jaar van te voren een save-the-date kaart in de brievenbus. Een half jaar later gevolgd door een officiële uitnodiging. Voor een bruiloft-nono als ik was deze (weg naar de) trouwerij een bijzondere gewaarwording.

De ochtend van de bruiloft breekt aan. De afgelopen weken heb ik XX een aantal malen gerustgesteld en anti-stress remedies verstrekt. Zo ging ze haar ring passen en ging deze niet meer af en dacht ze dat ze nog velerlei dingen moest regelen. Zeep en een lijstje. Was alles maar zo makkelijk. De avond voor de bruiloft bericht ik haar nog even. Ze is ok en bij haar ouders thuis. Ook de ochtend zelf is ze relaxed. Zij wel. Dat kostte dan ook anderhalf jaar aan voorbereiding. Ik begin nu pas na te denken over de dag. Ik ga in mijn eentje naar een trouwfeest. Ik weet niet hoe je je daar behoort te gedragen. Ik weet niet wat er gaat gebeuren. Ik weet niet wat je aan moet. Ik kan niet netjes eten. Ik weet niet goed waar het precies is. Ik begrijp niet eens hoe laat ik er nou moet zijn. Ik weet niet wat je hoort te geven. Behalve dan het kunstwerk van mijn dochter. Die ik daarop vergeet. Dat kunstwerk. De dochter ook, maar dat met opzet. Ik zie mezelf al zitten, helemaal opgefokt omdat het kind luidkeels olifantje in het bos begint te zingen tijdens de ceremonie. Mij niet gezien.

Ik heb een auto geregeld. Mijn lievelingsmens komt hem haastig brengen. ‘Hier heb je de sleutels, ik ga voetballen. Enjoy’. Ik heb hem niet verteld dat ik al jaren niet gereden heb. En dat ik eigenlijk niet goed meer weet hoe het moet maar het vermoeden heb dat het vanzelf gaat als ik in de auto zit. Alleen pas deze ochtend bedacht ik dat ik ondertussen ook nog de weg moet vinden. Hoe doen mensen dat? Ik zie het wel. Denk ik maar voel ik niet. Lacherig vraag ik nog snel even wat erin moet als ik ga tanken, en hoe dat ook alweer gaat. Ik vergeet het alweer op het moment dat hij het uitspreekt en loop blij naar boven. Wat een lieverd is het ook, hij kent mij zo goed en weet hoe ik fiets en toch mag ik zijn auto lenen.

Vol overgave stort ik me op mijn lover (jaja, hij is er toch nog). Samen kan ik best normaal doen stel ik me zo voor. Ik vraag hem of hij echt niet mee wil, hij is immers uitgenodigd. Maanden geleden heb ik hem al gezegd dat hij mee moest naar deze bruiloft ergens in oktober als ik hem dan nog zou willen kennen. Daarop antwoordde hij destijds dat hij in oktober toevallig niet kon. Nu ik dit opnieuw voor zijn voeten gooi, werpt hij tegen dat hij zich dus best wel op tijd afgemeld heeft. Kansloos dit. Ik beloof hem nog aanzienlijk wat als tegenprestatie en verhoog mijn bod ook nog eens. Mag niet baten.

Robin stelt wel voor mij te brengen en halen. Verrassend lief. Het manmens gunt mij mijn alcohol. Het voelt al stukken beter. Ik kan dit wel. Niet op de jurk staan en geen lelijke dingen over trouw en trouwen zeggen. Robin stelt me gerust door uit te leggen dat het gewoon een feestje is en dat ik altijd met eten nog aan de kindertafel kan gaan zitten. We gaan. Het is ongeveer een half uur rijden en ik vermaak me goed. Ik kan ongestoord en onbeperkt de heerlijkheid naast me bestuderen zonder dat hij mij aankijkt. Wanneer we het dorp binnenrijden besef ik weer dat ik zo alleen verder ga. Ik vraag of we nog één rondje kunnen rijden. Eentje dan. We zijn er. Ik blijf zitten en kijk naar de regen buiten. ‘Wil je echt niet mee?’. Voordat Robin antwoord kan geven zie ik het zusje van de bruid buiten staan. ‘O laat maar daar is het zusje, ik ga, doei!’.

Eenmaal binnen loop ik meteen naar de zus van de bruid. Ik ken haar en mag haar erg. Ze is verhuisd naar Israël, haar grote liefde achterna. Alhoewel ik al veel over de grote liefde gehoord heb, heb ik hem nimmer ontmoet. Josef blijkt precies wat ik zoek in een mens voor die dag. Hij is heel grappig en zegt zoveel ongepaste dingen, daar kan ik niet tegenop.

XX shinet in haar prachtige jurk. Ook XY ziet er heel mooi uit in zijn helemaal zelf uitgezochte pak. Beide stralen ze. De ceremonie gaat beginnen. Ik ga naast Josef zitten. Zodra ik zit vraagt hij of ik vanavond dronken wil worden met hem. Ik raak steeds meer in mijn element en kijk relaxed achterom naar de deur waar de bruid door naar binnen zal komen. Zij staat buiten te wachten op het seintje. De muziek wordt gestart. Het blijkt een verkeerd nummer. Het seintje blijft uit. Het regent pijpenstelen. De muziek wordt wederom gestart. Ditmaal moet je heel hard je best doen om het te horen. Iedereen begint wat voor zich uit te praten. De man in een soort van badjas (Josef vergelijkt hem met de man uit the big lebowsky, een treffer vind ik wel) blijkt de praatjesmaker, de juiste term in bruiloftjargon weet ik niet. Hij vraagt of iemand verstand heeft van volume. Was mijn dochter toch nog van pas gekomen. Er wordt wat gesleuteld aan het geluidssysteem. Ik denk aan mijn vriendin daar buiten in de regen. Ik ken haar goed genoeg om te weten wat zij nu denkt. ‘When a man loves a women…’ schalt het ineens door de ruimte. De bruid loopt naar binnen. Breedgrijnsend. Blijkbaar kan je op een trouwdag alles hebben. Er klinkt een kreet. De jurk hangt boven een kaarsje naast het pad. Snel worden alle kaarsjes weggehaald.Iedereen klapt en kijkt naar het liefdessetje. Ik denk terug aan de tijd dat we jongens nog vies vonden. Er is heel wat veranderd.

Lebowski vertelt over de ontmoeting van XX en XY. Ook vertelt hij dat ik daarbij was betrokken. Ik voel me heel Robert. Daarna volgen er vele lieve woorden. Lieve woorden naar elkaar, lieve woorden naar de ouders. Tranen her en der. Lebowski vindt het ook heel fijn dat zus en Josef helemaal uit Israël zijn gekomen met hun vier maanden oude Louis. ‘Wie is Louis’? vraagt de zus daarop. Lebowski vraagt hoe ‘hij’ dan heet. ‘Wie?’ wordt er gemompeld. De badjas doet of zijn neus bloedt en praat verder over al het moois dat er tussen het bruidspaar bestaat. XX en XY bevestigen hardop dat ze elkaar trouw beloven. Lebowski sluit af met de woorden ‘nu zijn jullie echtgenoten, verleden tijd van echt genieten’. Bewonderingswaardig vind ik. De rest van de dag praat Josef vol trots over zijn zojuist verzonnen zoon Louis.

De volgende fase is taart eten en champagne drinken met de newlyweds. Dat lukt goed. Zus is meteen haar glas kwijt want Josef wil een winning game maken van zijn drankcompetitie met mij. Wanneer iedereen in stilte taart eet maakt hij van het moment gebruik om zich te verontschuldigen dat hij mooier is dat de bruidegom. Hij is nog niet zo bekend met de Nederlandse gewoonten legt hij uit.

In het halletje kijk ik naar de uitgestalde foto’s in lijstjes. Kleine en grote XX’s en XY’s en hun familie. De fotograaf komt naast me staan en stelt zich voor. Of ik ook niemand ken. Lotgenoten. We kletsen wat en kijken naar de foto’s. Hij wijst naar een foto links boven. Die hoort bij het gebouw weet ik. Toch vind ik het leuk om hem te vertellen dat Robert Long XX haar oom is. Hij knikt veelbetekenend. Ik vind het steeds leuker worden hier.

Tegen de tijd dat het feest begint hebben Josef en ik allebei al gewonnen vermoed ik. Met zijn allen dansen en drinken we gezellig wat af. Bruid en bruidegom stralen nog steeds. Wat een bijzondere dag. Er wordt een tante voorgesteld aan Josef. Josef vindt dat de tante veel knapper is dan haar broer, zijn schoonvader. Hij verduidelijkt het nog even door op te noemen op welke punten hij dat baseert. We dansen en drinken door. XX komt bij ons dansen. Josef vraagt of ze zwanger is. Beduusd kijkt ze naar haar buik. ‘No! Why?’ Hij vraagt haar verbaasd waarom ze dan getrouwd is. Voordat ze antwoord kan geven tipt hij haar nog even dat ze haar jurk moet verkopen, zal best wat opleveren. We dansen en drinken verder.

Hoe leuk het feestje ook is, aan het einde van de avond ben ik kapot. Ik vraag Robin of hij me komt halen. Nog een half uurtje vier ik optimaal dat XX en XY voor altijd samen zijn. Dan zie ik Robin in de deuropening. Tijd om te gaan. Ik stel hem nog even snel voor aan mijn vriendin en haar man en zus. Ik zeg de ouders gedag. Terwijl ik mijn jas pak vraag ik Robin of hij mijn nieuwe beste vriend Josef al ontmoet heeft. Hij vraagt of dat die ene was die hem bij binnenkomst vroeg of hij wel eens iemand vermoord had. Dat zal inderdaad Josef geweest zijn. Eenmaal bij de auto bedenk ik me dat ik de bruidegom helemaal geen doei gezegd heb. Ik ren terug naar binnen. Als ik opnieuw bij de auto aankom vraagt Robin of ik zijn paraplu wel mee heb genomen. Ik ren opnieuw naar binnen. Weer in de auto bedenk ik me dat mijn telefoon nog ergens binnen ligt. Nog een keer neem ik afscheid. Wat leuk zeg, een trouwfeest. Van sommige dingen weet je gewoon heel zeker dat je dat het beste aan anderen kunt overlaten. Thuis vind ik het kado nog in mijn tas.

Nog vol van alle liefde van die dag lig ik naast Robin in mijn bed.
‘Robin, ik vind je echt héél lief’
‘Maar waarom maak je dan nooit tosties voor me?’
Gelukkig zijn wij heel gewoon gebleven.

  2 comments for “Deel 11: En ze leefden nog lang en gelukkig

  1. Lisa
    oktober 13, 2014 at 8:48 pm

    Hahahaha.. ik zie het gewoon al helemaal voor me! Oh Margreet je schrijft zo leuk1

  2. miek
    oktober 14, 2014 at 11:28 am

    Hahaha heerlijk om het van jou kan kant te lezen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *