Deel 14: Eten, chillen, beminnen

Wanneer ik het vliegtuig uitstap voel ik me gelukkig. Die geur van Azië, ik was het vergeten. Gedurende de vlucht praatte mijn buurman honderduit. De man van middelbare leeftijd deed ieder jaar vrijwilligerswerk ergens in Thailand en had er wederom zin in. Hėėl veel zin zo begreep ik. Uiteindelijk heb ik mijn oortjes ingedaan om te veinzen dat ik afwezig was, want de telefoon waar ik ze in hoorde te pluggen lag ergens in de bagageruimte in mijn tas. Maar ook met een los bungelend uiteinde had mijn gebaar succes. Tevreden viel ik in slaap.

Een echte planning had ik niet. Ik wilde naar een eiland in het oosten van Thailand gaan om uit te rusten van, ja van wat eigenlijk? Van mijn leven. Ik ging uitrusten van mijn leven op Ko Kut, dat klonk wel als een puik plan. De dagen vlogen voorbij. Het was nog lastig om daadwerkelijk alleen te zijn, je ontmoet zoveel mensen. Ik vond een tussenweg. ‘Savonds zocht ik mijn nieuwe bekenden op en overdag wilde ik alleen zijn. Lekker rondrijden, strandhangen, eten en me laten masseren. Het brengt me jolijt. Zeker wanneer mijn massagemevrouw staande op de massagetafel wat thaise kunsten op mij uitvoerde (doordat ik al eerder in Thailand geweest was wist ik dat ik de thaise massages beter kon mijden) en ik haar niet helemaal kon volgen. Achteraf zei ze ‘hands put’, wat haar Engels was voor ‘houd je handen bij elkaar alstublieft’. Toen ik mij met losse handen boven mijn hoofd omdraaide om te vragen wat ze nou eigenlijk wilde zeggen voerde ze al een of andere karate-achtige draai uit waarbij ze mijn bovenarmen als onderwerp van haar move meenam. Maar doordat mijn hands niet geput waren vloog ze van de tafel af en lag ze pardoes op de grond. Nou dat is dus niet ontspannend kan ik vertellen. Toch kregen we beide de slappe lach en vertelde ze gebrekkig dat ze dit nog nooit meegemaakt had. Dit schiep een band en ik mocht mee thee drinken met haar en haar familie. Ik kon niets verstaan maar gelukkig is baby-knuffelen een vrij internationale handeling dus heb ik me daartoe begeven.

Na een paar dagen kwamen de mensen te dichtbij en ben ik verder gegaan. Ruimtezoekend ging ik naar Cambodja. Tijd voor cultuur. De grote stinkende warme stad was een groot contrast met de idyllische eilanden van de dagen voor deze. Bij aankomst viel er serieus een kakkerlak op me vanuit de hemel. Bijzonder. Dat zou misschien een signaal hebben kunnen zijn voor de volgende dag, waarop ik van ellendigheid niet meer op mijn benen kon staan. Ziek was ik, echt ziek. Even dacht ik wat doe ik hier? Ik heb mezelf nu wel gevonden, laat ik maar eens op huis aan gaan. Maar na een dip van een kwartier bedacht ik me dat ik dat toch niet wilde. Drie keer poogde ik mijn kamer uit te gaan om water en westers eten te bemachtigen maar het resulteerde er in dat ik strompelend weer in bed eindigde. Bij poging vier haalde ik het winkeltje aan de overzijde. Ik kocht water, crackers en valium. Deze mix deed het goed. De volgende dag was ik weer zo goed als nieuw.

Nu ik rust en cultuur had afgestreept was het tijd voor wat vertier. Ik eindigde op een Cambodjaans eiland. Feesten was hier de norm. Nu pas ik mij graag aan en deed dan ook volle bak mee. Een heerlijke tijd met vele nieuwe ervaringen. Tijdens een van die feestjes leerde ik Rudi kennen. Rudi, Duits uiteraard, was met drie vrienden en een vriendin op reis. Nachtenlang hebben we gekletst, gezwommen en gelachen waardoor ik Robin leek te vergeten en mijn Duits leek op te halen. Perfecte combi. Ik stuurde een vriendin een gezellige foto van Rudi en mij om te laten zien hoe leuk we het hadden. Ze stuurde terug dat ze het knap vond dat ik helemaal naar Cambodja was afgereisd om daar een duplicaat van Robin te vinden. Misschien had ik mezelf toch nog niet helemaal hervonden.

Eenmaal weer thuis moesten Zoë en ik snel afspreken om alles wat we van elkaar gemist hadden bij te praten. Ik besluit mijn vakantiebetoog door te vertellen dat ik me echt heel zen voel en heb besloten de manmensen voorlopig te laten voor wat ze zijn, aangezien ik er niet zo in lijk uit te blinken en het mij netto niet veel vreugde heeft gebracht de laatste maanden. Op dat moment komt er een exemplaar op ons tafeltje aflopen en zegt: ‘sorry een beetje brutaal, maar alsjeblieft’. En voor mij ligt een bonnetje met een telefoonnummer erop.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *